Katholieken en hun vieringen (feesten)

Zegeningen

Zegenen in de katholieke liturgie

De meest directe lijn van de overleveringen uit het Nieuwe Testament naar de katholieke liturgie is te vinden in het eucharistisch gebed in de eucharistieviering, dat aansluit bij het joodse zegengebed van het Pascha. Tijdens de offerande, bij het aanbieden van de gaven van brood en wijn, wordt allereerst God zelf gezegend, die deze gaven heeft gegeven. Dit brood en deze wijn worden voorafgaand aan de consecratie daarna zelf gezegend, om ze aan God toe te wijden, zodat ze werkelijk Lichaam en Bloed van Jezus kunnen worden. De zegen is hier een tussenfase, om profaan voedsel gereed te maken om het heiligste te worden wat de katholieke kerk kent: het Lichaam en Bloed van Christus.

Ook het zegenen van de kinderen, zoals Jezus volgens de evangelisten deed, is behouden en wel in de liturgie van de kinderdoop. In de doopviering zegent de priester of diaken het kind met een kruisteken op het voorhoofd en legt het kindje de handen op in het voetspoor van Jezus. Ook de ouders en peetouders worden vaak uitgenodigd om de dopeling met een kruisteken te zegenen. Ook in de liturgie van de overige sacramenten komen vormen van zegeningen voor. In een sacramentele huwelijksviering worden het bruidspaar en ook de ringen die zij dragen gezegend.

Zoals al uit de ‘lees meer’ tekst blijkt, is het aantal soorten niet sacramentele zegeningen in de katholieke kerk haast oneindig.

Ga terug naar Zegeningen