Katholieken en hun geschiedenis / traditie

Hervormingen

Statenvertaling Bijbel

Bijbel in de volkstaal

Eén van de grote verworvenheden van de reformatie was de grote verantwoordelijkheid die de reformatoren iedere individuele gelovige toedachten. Daar hoorde bij dat iedere kerkganger in staat moest zijn om het Bijbelwoord in de eigen volkstaal te lezen. Daarom was het voor de protestantse kerk in de Nederlanden belangrijk dat er een officiële Nederlandse vertaling uit de grondteksten van de Bijbel kwam. Dat kwam ook de eenheid van de jonge kerk ten goede.

Nationale Synode van Dordrecht

In het Twaalfjarige Bestand (1609-1621) tijdens de Tachtigjarige oorlog was er een grote kerkvergadering van de nog jonge protestantse kerk in Nederland: de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619). Deze vergadering was nodig om afspraken te maken over de leer van en de organisatie in de kerk. Ook werd op deze synode het besluit tot de Statenvertaling genomen. De burgerlijke overheid, de Staten Generaal, betaalde de kosten. In 1626 werd begonnen met de vertaling. In 1637 verscheen de Bijbel. Al snel was deze Bijbel overal in het Nederlandse taalgebied ingevoerd. Onze taal is blijvend door de Statenvertaling beïnvloed. Uitdrukkingen als: ‘een doorn in het oog’, ‘als een dief in de nacht’, of ‘de inwendige mens’ zijn afkomstig uit deze Bijbelvertaling. Het grote bereik van de Statenvertaling beïnvloedde uiteraard de kanseltaal, maar uiteindelijk ook blijvend onze schrijftaal. Zo bevorderde de Statenvertaling de totstandkoming van een eenvormig Nederlands.

Ga terug naar Hervormingen