Waarin katholieken geloven

Verlossing

Erfzonde

Er is kwaad in de wereld en in ons zelf. Dat lees je ook bij het kopje ‘Zonden’.

Eén van Jezus’ leerlingen, Paulus, schreef rond het jaar 40 in een brief: ‘Ik begrijp mijn eigen daden niet. Ik doe immers niet wat ik wil, maar wat ik verafschuw. (…) In feite echter ben ik het niet meer die handelt, maar de zonde, die in mij woont. Ik ben mij bewust, dat er in mij, dat wil zeggen in mijn vlees, niets goeds woont. De goede wil ligt binnen mijn bereik, maar niet de goede daad. Ik doe niet het goede dat ik wil, maar het kwade dat ik niet wil. Als ik doe wat ik eigenlijk niet wil, ben ik niet meer de handelende persoon, maar de zonde die in mij woont’ (Rom. 7: 15-20).

Dat kwade doen, wat je helemaal niet wilt – maar het gebeurt toch: het overkomt je – dat noemen christenen erfzonde, een natuurlijke neiging tot zondigen. Als je wat ouder wordt ontdek je soms tot je schrik, dat je veel meer op je vader of moeder lijkt dan je zou willen. Manieren van doen waar je je vroeger vaak aan ergerde bij je ouders, blijk je nu – onbewust – zelf te hebben.

Zo geven we als mensen allerlei eigenschappen die niet helemaal deugen door aan onze kinderen. Het slechte in ons erven we ook over. Slechte ervaringen die we opdoen in ons leven veranderen ons, en ook dat geven we – onbedoeld – door aan onze kinderen. Onderzoek heeft inmiddels aangetoond dat dit ook letterlijk gebeurt in onze genen (zie:  kopje ‘relatie tot de omgeving in ruimte en tijd’ en ‘ook stressresultaten zijn erfelijk’).

Dus enerzijds doe je bewust zonde, en daar kun je vergeving voor vragen aan God, maar anderzijds is daar ook de natuurlijke neiging tot zondigen die van generatie op generatie wordt overgedragen: de erfzonde. Maar alle zonde die tussen God en jou staat heeft Jezus door zijn kruisdood of kruisoffer goed gemaakt. Dat is wat katholieken geloven.

Ga terug naar Verlossing