Katholieken en hun geschiedenis / traditie

Tweede Vaticaans Concilie

De kerk en de wereld

In de negentiende eeuw leek de kerk zich van de samenleving af te keren. Paus Pius IX had moderne ontwikkelingen zoals de opkomende democratische rechtsstaat, universele mensenrechten en de scheiding tussen kerk en staat scherp veroordeeld in de encycliek Quanta cura (1864) en de Syllabus errorum (lijst van dwalingen).

Het Tweede Vaticaans Concilie kwam met een geheel andere visie. Zij stelde nadrukkelijk dat de kerk in dialoog met de wereld zou moeten staan. Waarover deze dialoog, niet alleen met christenen, maar met alle mensen, zou kunnen gaan wordt uiteengezet in de pastorale constitutie Gaudium et spes (1965).

De kerk wordt in deze constitutie opgeroepen om de ‘tekenen des tijds’ goed te bestuderen. Uitgaande van de waardigheid van de menselijke persoon zet het document in het eerste deel uiteen welke vaste waarden de kerk als uitgangspunt hanteert in het gesprek. In het tweede deel hanteert het document deze waarden in de concrete historische context van de jaren ’60. Dit betekent ook dat wat daar gesteld wordt, op andere momenten minder relevant kan zijn. Dat laatste aspect gaf tijdens de bespreking aanleiding tot veel discussie, want wat is dan nog de waarde van traditie? Door het onderscheid tussen vaste en veranderende waarden hoopten de concilievaders dit probleem te omzeilen. De discussie over de wijsheid van deze aanpak loopt nog steeds.

 

Ga terug naar Tweede Vaticaans Concilie