Waarin katholieken geloven

Jezus Christus

Christenen

Na nog een korte tijd te zijn verschenen aan zijn leerlingen, keert Jezus terug naar de Vader (Hemelvaart). Het geloof van de apostelen wordt na Jezus’ heengaan bezegeld door de pinksterervaring, waarbij de heilige Geest over hen neerdaalt. Vol van Geest beginnen de apostelen de verrezen Christus te verkondigen, zoals we kunnen lezen in het Bijbelboek Handelingen. Ze hebben succes en met vallen en opstaan begint de boodschap zich te verspreiden. Er ontstaan kleine gemeenschappen die Jezus als de Messias zien. Eerst in de joodse wereld, later ook in de Romeinse wereld. Al snel vindt de christelijke boodschap namelijk gehoor in de grote Romeinse stad Antiochië. Hier worden de volgelingen van Jezus Christus voor het eerst ‘christenen’ genoemd: zij die belijden dat Jezus de Christus (=gezalfde) is (vgl. Handelingen 11,26).
De belangrijke pijlers waarop de eerste gemeenschappen rusten zijn Petrus, Jakobus en Johannes. Ook Paulus geldt als een ijverig verkondiger van de verrezen Christus. Van christenvervolger ontpopt hij zich tot een man die vol vuur de christelijke boodschap uitdraagt. Door zijn zendingsdrang waaiert de boodschap uit over de Romeinse wereld. Er ontstaan gemeenschappen in onder meer Thessalonica, Korinte, Filippi, Iconium en Efese. Paulus correspondeert met zijn gemeenschappen middels brieven. Verschillende brieven zijn terug te vinden in het Nieuwe Testament. Hij schrijft uitvoerig over wat het betekent in Christus te geloven. Zijn schrijven verdiept het geloof van de jonge gemeenschappen aanzienlijk.

Ga terug naar Jezus Christus