Katholieken en hun bezinning

Cultuur en religie

Betekenis kerkelijke architectuur

Het grondplan van de Romeinse basilica ontwikkelde zich in de loop der eeuwen tot het grondplan van een gotische kerk, zoals de kathedraal van Chartres uit 1220.

In de apsis van een basilica stond een beeld van de keizer, of de keizerlijke troon. In kerken werd dit de plek waar Jezus troont. Daar staat het tabernakel. Voor de apsis staat het altaar.

De apsis is bijna altijd gericht op het oosten. Dit is omdat in het oosten de zon opkomt. De opgaande zon symboliseert het heil dat met Jezus over de aarde is opgegaan (Apok. 1,9-19).

De voorhof, het atrium, is de plek van de doopkapel. Door het doopsel word je opgenomen in de kerk. Door de doopkapel ga je dus de kerk binnen (Kol. 3,5-11).

De ruimte van de ingang tot de apsis noem je het schip van de kerk. De kerk is het schip dat door de tijden heen op weg is naar een nieuwe wereld, waar God alles in allen zal zijn (Jes. 65,11-25; Apok. 21).

Voor de apsis werd in latere eeuwen een dwarsschip gebouwd, dwars op het schip van de kerk. Zo vormt het grondplan van de kerk een kruis. Het kruis waaraan Jezus het kwaad heeft overwonnen (Mat. 10,38).

In het grondplan van Chartres zie je dat kruis in het midden. De apsis is daar een stukje omhooggeschoven, zodat daarvoor een langere ruimte is ontstaan tot het dwarsschip: het priesterkoor. Dit grondplan herken je in eenvoudiger vorm in veel katholieke kerkgebouwen in Nederland.

Ga terug naar Cultuur en religie