Katholieken en hun geloofsgemeenschap

Kerk

Beelden van de Kerk

Het Tweede Vaticaans Concilie benoemt meerdere beelden van de Kerk, onder meer in de dogmatische constitutie Lumen gentium:

‘Zo is de Kerk de schaapstal, waarvan Christus de toegangsdeur is (vgl. Joh. 10,1-10). De gemeenschap van gelovigen vormt de kudde, waarvan God zelf beloofd heeft de herder te zijn (vgl. Jes. 40,11; Ez. 34,11). Daarnaast is de Kerk te zien als de landbouwgrond of de akker van God (vgl. 1 Kor. 3,9). Op die akker groeit de oude olijfboom, waarvan de aartsvaders de heilige wortel zijn en waarin de verzoening tussen joden en heidenen tot stand is gekomen en verder geschieden zal (Rom. 11,13-26). Herhaaldelijk wordt de Kerk ook Gods bouwwerk genoemd (vgl. 1 Kor. 3,9). De Heer heeft zichzelf vergeleken met de steen die de bouwlieden hebben verworpen, maar niettemin de hoeksteen is geworden (vgl. Mat. 21,42; Hand. 4,11; 1 Petr. 2,7; Ps. 117,22). Op dit fundament wordt de Kerk door de apostelen opgericht (vgl. 1 Kor.3,11). Evenzo wordt de Kerk, die ‘het Jeruzalem van omhoog’ is en ‘onze moeder’ genoemd wordt (Gal. 4,26; vgl. Apok. 12,17), beschreven als de onbevlekte bruid van het onbevlekte Lam (vgl. Apok. 19,7; Apok. 21,2-9; Apok. 22,17). Christus heeft haar ‘liefgehad… en Hij heeft zich voor haar overgeleverd om haar te heiligen’ (Ef. 5,25-26).

Ga terug naar Kerk