Katholieken en hun vieringen (feesten)

Sacramenten van Levensstaat

Huwelijksverbond

Toen God de aarde en de mens schiep, wilde hij die mens (‘Adam’ in het Hebreeuws) niet alleen laten. God creëerde daarom een hulp die zijn eenzaamheid doorbrak (vgl. Gen. 2,18). Zo ontstonden man en vrouw. Iets verderop in het Bijbelboek Genesis lezen we: ‘Zo komt het dat een man zijn vader en zijn moeder verlaat en zich zo aan zijn vrouw hecht, dat zij volkomen één worden’ (Gen. 2,24). Christenen geloven dat deze band tussen man en vrouw door God is gegeven. Het vormt voor de rooms-katholieke kerk het wezenlijke uitgangspunt van het huwelijk. Binnen het huwelijk staat voor katholieken de liefde tussen man en vrouw en de voortplanting centraal. Bij de huwelijksinzegening vraagt de voorganger dan ook:’Jullie gaan een gezin stichten, zijn jullie daartoe bereid?’ Het bruidspaar antwoordt dan: ‘Ja, daar zijn wij toe bereid’.

Priesterschap

Met het huwelijk kies je voor een bepaalde levensstaat. Door priester te worden doe je dat ook. Priesters treden hiermee in een lange traditie. Al sinds het begin van het christendom zijn er namelijk mannen die zich bezig houden met de verkondiging van het evangelie en de bediening van de sacramenten. Het begon met de apostelen – door Jezus zelf uitgekozen – en loopt door tot op de dag van vandaag. Want ook nu roept Jezus mannen die Hem willen volgen. Zij geven zich niet aan een vrouw, maar aan de Heer en zijn kerk.

Huwelijk

Huwelijksinzegening

Als een man en vrouw trouwen voor de kerk dan spreken we van een huwelijksinzegening. Deze inzegening omvat verschillende stappen. Eerst ondervraagt de priester of diaken het bruidspaar of ze echt uit vrije wil trouwen, of ze elkaar trouw zullen blijven en of ze een gezin willen stichten. Daarna spreken bruid en bruidegom naar elkaar hun trouwbelofte uit. Daarin aanvaarden ze elkaar als man en vrouw en beloven elkaar trouw, in voor- en tegenspoed. Ook spreken ze naar elkaar uit dat ze elkaar lief willen hebben en zullen waarderen alle dagen van hun leven. Door het uitspreken van deze beloften ‘trouwen’ ze zichzelf. Met andere woorden: ze bedienen het sacrament van het huwelijk aan elkaar. De priester of diaken is daar slechts getuige van. Daarna bevestigt de voorganger dat de kerk het bruidspaar vanaf dat moment ziet als man en vrouw. Vervolgens worden de ringen gezegend en aan elkaar gegeven. Ter afsluiting ontvangt het bruidspaar de huwelijkszegen.

Huwelijkskaars en huwelijksbijbel

Als het bruidspaar elkaar de ringen heeft gegeven, ontvangen ze vaak een huwelijkskaars. Het licht van de kaars herinnert de gelovige eraan de liefde en het geloof in Jezus Christus brandend te houden (net als bij de doopkaars). De huwelijkskaars verwijst dus naar de doopkaars en wordt gezien als een teken van de onderlinge liefde van het bruidspaar in Christus. De levens van de gehuwden zijn nu door hun trouwen één geworden. Meestal wordt net als de doopkaars, ook de huwelijkskaars ontstoken aan de paaskaars, die speciaal voor deze gelegenheid brandt.

Vaak krijgt een bruidspaar aan het einde van de viering uit handen van de priester of de diaken een Bijbel, de zogenoemde huwelijksbijbel. Het is een cadeau van de parochie aan de bruid en bruidegom. De voorganger zegt er dan bij dat hij hoopt dat deze Bijbel een plaats krijgt in hun leven.

Huwelijksvoorbereiding

Het is belangrijk dat een man en vrouw die willen trouwen, zich goed voorbereiden op hun huwelijk. Ze zullen voordat ze gaan trouwen gesprekken hebben met de voorganger. Hij probeert te verduidelijken waar ze precies ‘ja’ tegen gaan zeggen en wat ze elkaar beloven. Voor de kerk is de voortplanting erg belangrijk. Dit gaat soms moeilijk samen met de weerbarstige moderne samenleving. Daar waar de kerk bijvoorbeeld tegen voorbehoedsmiddelen is (tenzij via de natuurlijke weg middels periodieke onthouding), wordt anticonceptie in onze maatschappij doorgaans veel gebruikt. Voor veel katholieken zijn dit lastige beslissingen. In een tijd waarin veel mannen en vrouwen een maatschappelijke carrière ambiëren, is het immers veel gemakkelijker de natuur te beïnvloeden dan die zijn gang te laten gaan.

Tijdens de huwelijksvoorbereiding zal ook worden gevaagd of er wel getrouwd kán worden, of er dus geen beletselen zijn die een huwelijk in de weg kunnen staan. Deze beletselen kunnen van uiteenlopende aard zijn. Zo zijn er natuurlijke beletstelen als impotentie, maar ook formele beletselen zoals een eerder huwelijk of leeftijd (je moet achttien jaar of ouder zijn).

Priesterschap

Gemeenschappelijk en ambtelijk priesterschap

Als er wordt gesproken over priesterschap dan denken de meeste mensen meteen aan een pastoor of bisschop. Maar eigenlijk gaat het priesterschap alle gelovigen aan. Zo lezen we in de Bijbel: ‘En Gij hebt hen voor onze God gemaakt tot een koninklijk geslacht van priesters…’ (Apok. 5,10). De rooms-katholieke kerk gelooft dat eenieder die is gedoopt, wordt opgenomen in het Paasmysterie van Christus. Dit betekent automatisch dat je als gedoopte deel hebt aan de zending van Jezus. Hij was immers priester, profeet en koning. We noemen dit het gemeenschappelijk of algemeen priesterschap. Deze vorm van priesterschap staat beschreven in de dogmatische constitutie Lumen Gentium uit 1964. Een van de vruchten van het Tweede Vaticaans Concilie (de belangrijkste kerkvergadering van de afgelopen eeuw).

Het gemeenschappelijk priesterschap geldt dus voor alle gelovigen en gaat vooraf aan het ambtelijke priesterschap. Daaronder verstaan wij mensen in de kerk die het sacrament van de wijding hebben ontvangen. De kerk kent drie wijdingen, die van diaken, priester en bisschop.

 

De priesterwijding

‘Ja, hier ben ik’, zegt de priesterkandidaat als hij tijdens de wijdingsplechtigheid naar voren wordt geroepen. Het is letterlijk antwoord geven op Gods roepstem, zoals we ook in de Bijbel tegenkomen: ‘Toen riep Jahwe: ‘Samuël!’ Samuël antwoordde: ‘Hier ben ik.’ (1 Sam. 3,4). Of bij Jesaja: ‘…Hier ben ik, zend mij’ (Jes. 6,8). Net als in vroegere tijden roept God nog steeds.

De wijding gebeurt door handoplegging en gebed. Maar daarvoor is eerst nog de litanie van de heiligen. Een lange lijst van heiligen wordt door alle mensen in de kerk aangeroepen om met hen mee te bidden voor de degene die gewijd gaat worden. Uit grote eerbied en nederigheid gaat de wijdeling plat ter aarde liggen voor het altaar, terwijl de rest van de gelovigen knielen.
Daarna krijgt de wijdeling de handen opgelegd door de bisschop die dan in stilte bidt. Vervolgens spreekt de bisschop het wijdingsgebed uit. Daarna is de wijdeling priester van Jezus Christus en zijn kerk.

Ga terug naar Sacramenten van Levensstaat