Bronnen en verhalen waar katholieken uit putten

Tien geboden

De tien geboden, ook wel de tien woorden of decaloog genoemd, vormen het hart van het verbond tussen God en mensen. Ze bestaan uit leefregels en zijn voor katholieken een belangrijke inspiratiebron en richtingwijzer in het dagelijks leven.

Tien geboden

De tien geboden beschrijven op een kernachtige manier de leefregels die horen bij het verbond tussen God en mensen. De afspraken regelen de relatie en garanderen in zekere zin de vrijheid van beide verbondspartners. De tien geboden noemt men ook wel de tien woorden of decaloog. Het Oude Testament kent twee versies in de bijbelboeken Exodus en Deuteronomium.

God en mensen

De eerste drie geboden gaan over de relatie van mensen met God. Er is maar één God: er zijn dus geen andere goden en Hij is niet uitbeeldbaar (eerste gebod). Zijn naam mag men niet misbruiken (tweede gebod). En om de relatie met God te gedenken, moeten mensen de sabbat in ere houden (derde gebod).

De resterende ge- en verboden gaan over de relatie tussen mensen onderling. Ze beschermen de vrijheid van mensen: de eer en waardigheid van ouders (vierde gebod), het leven van een ander (vijfde gebod), het huwelijk (zesde gebod), de bezittingen van een ander (zevende gebod), eerlijkheid en waarheid (achtste gebod). Men dient de vrouw (negende gebod) noch het bezit van een ander te begeren (tiende gebod).

Twee tellingen

De telling, de volgorde en de indeling van de tien geboden verschillen per religieuze stroming. In het jodendom, de oosterse kerken en de meeste protestantse kerken vormen het verbod op andere goden en op godenbeelden twee afzonderlijke geboden. Het negende en tiende gebod uit de katholieke telling (begeer niet de vrouw van uw naaste, noch zijn bezit) leest men daarentegen als één gebod

Lees meer